revalidatieLuister deze tekst
00:00 / 09:00

Revalidatie

Over revalidatiebehandeling bij niet aangeboren hersenletsel in Nederland



Als je in Nederland te maken krijgt met niet aangeboren hersenletsel kan het zijn dat je door je huisarts of specialist wordt verwezen naar een revalidatiearts. Bij een groot letsel is het soms nodig dat er een klinische behandeling plaatsvindt (een opname in een revalidatie kliniek). 

Het overgrote deel van de revalidatiebehandelingen is echter poliklinisch. Poliklinisch betekent dat je thuis bent en regelmatig naar het revalidatiecentrum toe gaat voor behandeling. 

In dit stuk ligt de focus op de poliklinische revalidatie behandeling bij NAH, en dan vooral over wat dit inhoudt voor mensen met onzichtbare symptomen/ cognitieve klachten.

Doel van revalidatie



 

Samen met jouw revalidatiearts stel je doelen voor jouw persoonlijke revalidatietraject. Over het algemeen is het doel om de zelfredzaamheid te vergroten en daarna de participatie in de maatschappij te ondersteunen. Met andere woorden om zo goed mogelijk zelfstandig te kunnen functioneren in je eigen woon-, werk en leefomgeving. 

In de eerste periode na hersenletsel is revalidatie gericht op herstel; oefenen van bijvoorbeeld spierkracht of spraak. 

Er wordt gekeken of er factoren zijn die het herstel kunnen bevorderen. En of er factoren zijn die het herstel in de weg staan. In de latere fase ligt de focus vooral op het leren omgaan met de beperkingen door het hersenletsel. 


Een multidisciplinair team

Een revalidatiebehandeling wordt meestal uitgevoerd door een multidisciplinair team. De revalidatiearts stuurt de behandeling aan. Verder kunnen er een (neuro)psycholoog, maatschappelijk werker, fysiotherapeut, ergotherapeut, een logopedist, een activiteitentherapeut, psychomotore therapeut en muziektherapeut in zitten.
Deze verschillende professionals, met hun eigen kundigheid werken samen, en hebben regelmatig onderling overleg. 

De (neuro)psycholoog



 

Er zijn verschillende redenen waarom een psycholoog betrokken kan zijn bij revalidatie bij NAH. In hoofdlijnen zijn dat deze:

1. Neuropsychologisch onderzoek (NPO)

De (neuro) psycholoog van de revalidatie kan een NPO inzetten. Bij een NPO worden cognitieve functies en uitvoerende functies in kaart gebracht. Er wordt gekeken welke problemen dit kan geven in de dagelijkse activiteiten. Het NPO bevat ook een individuele sterkte-zwakte analyse.

2. Belemmerende factoren

Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat bepaalde psychologische factoren de kans op blijvende klachten na hersenletsel vergroten.
Een voorbeeld daarvan is een passieve copingsstijl (een afwachtende manier van met situaties/problemen omgaan). Er zijn nog meer van dit soort psychologische factoren die de kans op blijvende klachten vergroten, hierover volgt nog een ander artikel (link naar 4.2).  Behandeling bij een psycholoog na hersenletsel kan je helpen te achterhalen of dit soort factoren bij jou aanwezig zijn en hoe je hier anders mee om kunt gaan. Therapiesoorten die hierbij gebruikt kunnen worden zijn o.a. cognitieve gedragstherapie, ACT (acceptance and commitment therapie).

3. Cognitieve training

Een neuropsycholoog kan, in samenwerking met een ergotherapeut, cognitieve training geven. “Onder ‘cognitieve training’ wordt verstaan: het deel van de cognitieve revalidatie, dat zich richt op het verminderen van directe beperkingen t.g.v. cognitieve stoornissen. Cognitieve training is meestal niet zozeer gericht op het direct verminderen van cognitieve stoornissen, maar met name op het leren omgaan met cognitieve beperkingen.” Aldus de richtlijn voor neuropsychologische revalidatie.

4. Psychische gevolgen

Het hersenletsel kan ook psychische gevolgen hebben. Klachten van angst en depressie komen veel voor. Bij grotere letsels kan agressie, impulsiviteit of apathie gezien worden. Ook hierbij kan de psycholoog van de revalidatie de juiste behandeling bieden.

Maatschappelijk werker

Een maatschappelijk werker is ook vaak onderdeel van het multidisciplinaire team. De maatschappelijk werker helpt je je plek weer te vinden in jouw eigen sociale omgeving. Een sociale re-integratie. De maatschappelijk werker helpt je om zelf weer de regie in handen te nemen. 
Ook heeft de maatschappelijk werker goed zicht op de “sociale kaart”, waardoor hij/zij je met veel verschillende vraagstukken verder op weg kan helpen. 

Fysiotherapie

 

Behandeling van de fysiotherapeut is de meest bekende vorm van behandeling. Het kan hierbij gaan om trainen van spierkracht, balans, verbeteren van mobiliteit of het verbeteren van de fysieke conditie. 

Ergotherapie

De meeste mensen kennen ergotherapie van de hulpmiddelen. Inderdaad, de ergotherapeut kan je advies geven over het gebruik van hulpmiddelen. Dit kan heel divers zijn; zoals het gebruik van een speciale lepel of snijplank bij een eenzijdige verlamming, maar ook over bijvoorbeeld het gebruik van oordoppen bij overprikkeling. Maar een ergotherapeut doet zoveel meer.

Doel van de ergotherapie is zo zelfstandig mogelijk te kunnen functioneren op alle gebieden. Dus afhankelijk van waar je tegenaan loopt ga je met de ergotherapeut aan de slag. Lukt wassen en aankleden niet omdat je een arm niet goed kunt gebruiken? Dan ga je daarop oefenen en leer je hoe je dit het handigst kunt aanpakken. Lukt koffiezetten niet omdat je niet de juiste stappen kunt bedenken, dan ga je daarmee aan de slag.

 



Als het gaat om de onzichtbare gevolgen van hersenletsel kan de ergotherapeut vaak veel betekenen. Zo kan de ergotherapeut je handige “truckjes” aanleren. Op die manier kun je (deels) compenseren voor een verminderde concentratie, geheugen of een langzamer denktempo. Dit is onderdeel van de cognitieve training die eerder genoemd werd bij de psycholoog. 

Ook kan de ergotherapeut je leren omgaan met de vermoeidheid door je energie beter te verdelen, beter je grenzen te leren herkennen en aan te geven. Een van de methodes die hiervoor wordt gebruikt is “niet rennen maar plannen”, deze is hier online als PDF te koop. Deze modules zijn bedoeld om samen met een ergotherapeut te doorlopen. Mocht je niet in aanmerking komen voor een revalidatiebehandeling maar wel worstelen met vermoeidheid of cognitieve klachten na hersenletsel dan is dit een aanrader. 
 

Logopedie

Als er sprake is van spraakstoornissen en/of stoornissen van de motoriek in het mondgebied kan de logopediste ingeschakeld worden. Bij afasie en/of woordvindstoornissen kan een logopediste in de eerste fase stimulatietherapie toepassen, in een latere fase zal er meer gericht worden op compensatie strategieën. Ook kan de logopedist de omgeving helpen om de communicatie te vergemakkelijken. Daarnaast is de logopediste betrokken bij slikproblemen.